You never walk alone

‘Heb jij een hele marathon gelopen?’ Deze vraag is me de afgelopen weken regelmatig gesteld. Toegegeven, ik zie eruit als een meisje dat haar moeder net kwijt is geraakt. Niet als een marathonista. Met mijn korte pootjes zet ik twee keer zoveel pasjes. Dat voelt ook als twee keer zo hard doorstappen. Daardoor weet ik dat je soms moet strijden voordat iets een keer lukt.

Blog superwoman - pink lady 1Op 7 april liep ik marathon nummer zeven, in mijn geliefde Rotterdam. Toen ik de finish aantikte, gierde er een tsunami aan emoties door mijn lijf. Het was alsof ik uit een dolle rit in de achtbaan stapte. Want het blijft natuurlijk een tering end lopen. Ik dacht 42 kilometer lang aan van alles. Aan het blessureleed van vorig jaar. Aan vieze gelletjes. Aan de afwas. Aan frietjes met veel mayonaise.

Op de hoek van de Coolsingel, bij de 41 kilometer zag ik mijn trainer Harrie staan. Ik zag de twinkeling in zijn ogen. We wisten allebei dat het goed zat. Al die maanden keihard werken aan iets waar we allebei ontzettend in geloofden, was werkelijkheid geworden. En hoe. Ik wist mijn PR met ruim drie minuten aan te scherpen: 3.39.12.

Blog You never walk alone - Coolsingel

De laatste meters op de Coolsingel

Hoewel ik er nu zeven op mijn naam heb staan, blijft het lopen van een marathon speciaal. Ik ben niet gezegend met bergen looptalent, dus moet ik er veel voor doen. Het komt helaas niet vanzelf aanwaaien. Bij elke marathon begin je weer vanaf nul. Je bent zo goed als je laatste prestatie. Ik wilde daarom die nare bijsmaak van de marathon in Berlijn wegspoelen. Geen man met de hamer meer. Niet meer bijna afhaken bij de 28 kilometer. Ik was teleurgesteld in mezelf en zat daarna maanden in een helse hardloopdip.

Dat moest deze marathon anders. In aanloop naar Rotterdam heb ik de hulp ingeschakeld van een aantal lieve mensen: een loopcoach, een personal trainer, een fysiotherapeut en een masseur. Het is tof om een team van professionals achter je te hebben staan. Een marathon lopen doe je niet alleen. Ik niet tenminste.

Blog You never walk alone - met Harrie

Met mijn hardloopcoach Harrie

Als ik eenmaal iets wil, ga ik er ook voor de volle honderd procent voor. Ik heb me maandenlang de pleuris gewerkt. Naast vier keer in de week trainen, ging ik ook twee keer per week naar de sportschool. Dat was best pittig voor een amateurtje met een fulltime baan aan de andere kant van het land. Het voelde vaak als drie slagen in de rondte squatten, van links naar rechts en van onder naar boven.

Er waren dagen dat ik het echt niet meer leuk vond. Het ging namelijk niet meteen van een leien dakje. Pas na een paar maanden merkte ik vooruitgang. Ik werd fitter, sneller en viel prompt vijf kilo af. Maar de belangrijkste les die ik had geleerd was om gewoon mijn leven te leiden. Niet te veel nadenken. Toen ik weer begon te genieten van het lopen en blij was met wat ik had in het leven, ging het vanzelf beter.

Ik kijk met een glimlach terug op mijn vrijwillige sportmartelingen. Het werd loon naar werken. Ik loop nu een half decennium marathons en deze laatste in Rotterdam vind ik mijn mooiste tot nu toe. Dat was het moment waarop alles klopte. Wat een euforie! Ik voelde die dag iets ongewoons, het heet gelukkig zijn. Na afloop flaneerde ik trots met mijn medaille over de Coolsingel. Het bewijs dat ik mee had gedaan. Aan een hele.

‘Hardlopen is voor iedereen’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal verschillend, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.

20091128 152300

Jacques over de finish in Athene

Dit wordt het jaar van Jacques Kusters. De eigenaar van Runnersworld Tilburg (54) ziet op 28 mei zijn hardloopsprookje uitkomen. Hij organiseert dan de eerste marathon in zijn stad. ‘Het wordt een feest voor alle lopers en supporters.’

‘Ik herinner het me nog goed. Het was onze eerste werkdag. Samen met mijn vrouw was ik op weg naar onze nieuwe hardloopwinkel. Ik zei: Wat is Tilburg toch een mooie sportstad. Zou het niet geweldig zijn als hier ooit een marathon zou komen? We keken elkaar aan en zaten de rest van de rit zwijgend in de auto. Die marathongedachte heb ik nooit meer losgelaten.’

 Groen licht

Zeven jaar later wordt zijn droom werkelijkheid. Eind december krijgt Jacques het groene licht om de eerste marathon in Tilburg te organiseren. Speciaal voor dit project richt hij de stichting Marathon Tilburg 2017 op. Zo kan de ondernemer het werk voor de marathon scheiden van zijn winkel. Het bestuur bestaat uit vijf personen en vergadert elke vrijdagavond om 20 uur. Een van de eerste agendapunten is het prikken van een datum. ‘We wilden het evenement graag in het voorjaar houden. Zelf vind ik het heerlijk om in de winter te trainen voor een marathon. Daardoor heb ik altijd met plezier gelopen in Rotterdam. Ik krijg nog steeds kippenvel als ik hier aan terugdenk.’

14595822_1118597424861048_2081802752136891652_n

Met Jacques en zijn dochter Marjolein in de winkel

Kookwekker

Jacques heeft inmiddels 20 marathons op zijn erelijst staan. Hij kan zich geen leven zonder hardlopen voorstellen. Hardlopen maakt hem gelukkig en hij gunt iedereen dat geluksgevoel. Als er mensen om zijn advies vragen, helpt hij graag. Zo kwam er een tijdje terug een vrouw in de winkel die glunderend naar zijn schoenen staart. ‘Ze wil graag leren hardlopen, maar denkt niet dat het iets voor haar is. Tuurlijk wel, zeg ik. Hardlopen is voor iedereen. Ik doe het gewoon, roept ze, en koopt een paar hardloopschoenen. Als ze drie kilometer kan lopen, gaat ze zichzelf trakteren op een hardloophorloge. Voordat het zover is, neemt ze nog een kookwekker mee. Ik heb haar op weg geholpen en nu loopt ze 5 kilometer aan een stuk.’

Enthousiaste vrijwilligers

Heel Tilburg kijkt uit naar de eerste stadsmarathon. Jacques weet dan al snel een club van enthousiaste vrijwilligers van lopers en niet-hardlopers om zich heen te verzamelen. Ze helpen onder andere met flyeren, het parcours verkennen, het geven van hardlooptrainingen en schrijven van blogs. ‘We willen met zijn allen Tilburg op de kaart zetten. De marathon wordt een feest voor iedereen: bewoners, supporters, winkeliers, sponsoren, de gemeente, horecaondernemers en natuurlijk de lopers zelf.’

Er is volgens Jacques maar één nadeel aan de Marathon van Tilburg: ‘Ik mag als organisator zelf niet meedoen. Tja, daarom loop ik dit jaar weer in Rotterdam.’

Boston is the dream

Herken je dat? Dat je het warm krijgt van iets dat je heel graag wilt? Fit zijn als Dafne Schippers bijvoorbeeld. Wie wil dat nu niet? Supersterk, superslank en supersnel. Waar kan ik tekenen!

Zo’n lijf als dat van onze sprintkoningin krijg je natuurlijk niet zomaar. Voor haar topprestaties moet ze diep gaan. Elke dag bikkelen om beter te worden. Een ijzeren discipline heb je nodig. Geen wijntjes, minder koekjes en veel groenten. Elke dag twee keer keihard trainen, of je daar nu zin in hebt of niet. De lat ligt torenhoog.blog-boston-berlijn-voor-de-startDe snelste vrouw op aarde word ik niet (meer). Dat is natuurlijk ook nooit mijn doel geweest. Net als de meesten van jullie ben ik gewoon een recreatieve loper. Wel eentje met ambities. Op mijn eigen niveau.

In een van mijn eerdere blogs vertelde ik over mijn plan om de World Marathon Majors te lopen. Alle zes. Na New York liep ik op 25 september de Berlin Marathon. Daar kan ik kort over zijn. Het was loodzwaar! Ik kwam de Man met de Hamer tegen. Die had ik sinds mijn eerste marathon in 2013 niet meer gezien. Na de 25 kilometer viel mijn plan in duigen.

Teleurstelling hoort er ook bij. In Berlijn liep het niet zo gesmeerd als ik gewend ben. Een marathon lopen is namelijk soms over je pijngrens heengaan. De truc is om jezelf te vermannen. Rennen, vallen, opstaan en weer doorgaan. Ik heb op karakter de resterende 17 kilometer uitgelopen. Die medaille heb ik alsnog met trots om mijn nek gehangen. Wir haben es geschafft!blog-boston-berlijn-met-medailleIk wil nu meedoen met die van Boston. Editie 2018, om precies te zijn. En dat is niet zo makkelijk. Het is de enige marathon waar je je als loper voor moet kwalificeren. Een elitemarathon dus. De lat ligt hoog, want de organisatie hanteert rappe kwalificatietijden. Alleen de beste recreatielopers mogen meedoen. Je hebt ofwel bergen talent nodig, ofwel heel veel overtuiging en doorzettingsvermogen. Tja, ik moet dus voor optie twee gaan.

In april 2018 ben ik veertig jaar. Ik moet dan binnen nu en een jaar een marathon van onder de 3 uur en 45 minuten lopen. Er dingen veel lopers mee naar een startbewijs dus de concurrentie is groot. Daarom adviseert de organisatie om ruim onder je vereiste tijd te zitten. Tijdens de kwalificatie van dit jaar moesten de lopers 2,5 minuut sneller zijn om zeker te zijn van deelname.blog-boston-op-schipholDus er wacht een zware taak. Ik heb me daarom vorige week ingeschreven voor de marathon van Rotterdam 2017. Dat betekent een strakke tijd neerzetten in Rotjeknor. Twee keer zat ik lange tijd op koers, maar op 9 april 2017 wil ik eindelijk onder die magische 3.40 lopen. Driemaal is scheepsrecht.

Boston is the dream! Voor wat extra motivatie heb ik mezelf getrakteerd op een speciaal boekje. Hierin kan ik mijn doelen noteren. En de stappen die ik ga zetten om deze te bereiken. Want: ‘A goal without a plan is just a wish.’ Zo wil ik deze keer topfit zijn voordat ik eind december aan mijn marathonschema begin. Ik heb een personal trainer ingeschakeld om me de komende drie maanden af te beulen.blog-boston-marathontrainingGelukkig vind ik sporten geen straf. Ik deed onlangs in een tijdschrift een test om te zien welke type sport of work-out voor mij het beste zou werken. Volgens de uitslag viel ik onder de categorie reiziger of loner: ‘compact en doelgericht zijn woorden die jou aanspreken. Daarom is hardlopen jouw sport.’ Mensen drukken me regelmatig op het hart dat ik moet genieten van het hardlopen. Dit is mijn manier.

Enfin, ik hoop dat ik me de komende maanden kan klaarstomen voor marathon nummer zeven. Mezelf gezond en fit houden. Het beste uit mezelf halen. Dat is een race die ik zeker wil winnen.

Immer gerade aus

Ik verdwaal overal, ondanks het navigatiesysteem op mijn telefoon. Vooral in het buitenland ben ik de klos. Mijn strategie luidt dan ook: loop langs de hoofdweg van het lokale dorp en ga via dezelfde weg weer terug.

blog-immer-gerad-aus-frame-kampinaVan de zomer in Italië was het weer raak. Ik dacht alleen wel een rondje te kunnen lopen. Een beetje malle gedachte natuurlijk. Dat leek wonderwel een paar kilometer goed te gaan. Totdat ik een dolle hond achter me aan kreeg en besloot om via een andere weg terug te gaan. Mijn ouders moesten me komen halen. Bleek ik slechts een paar honderd meter van ons vakantiehuisje te zijn gestrand.blog-immer-gerade-aus-wegwijzersTja, ik heb totaal geen richtingsgevoel. Waar iedereen rechtsaf slaat, ga ik links. Ik raak zelfs nog de weg kwijt in mijn eigen wijk. Kaartlezen is ook nooit een hobby van me geweest. Honderd jaar geleden, toen er nog geen Google Maps bestond, brak het zweet me al uit bij de gedachte. Gelukkig had ik vriendinnen met meer GPS-genen dan ik. Zij namen tijdens onze stedentrips ferm het voortouw. Ik liep braaf achter ze aan.

Dat doe ik nog steeds tijdens de lange duurlopen. Er is altijd wel een hardloopmaatje dat een mooie route kent. Zelf lukt me dat niet. Ik speel op veilig en loop altijd binnen de bebouwde kom. Te bang om van de weg af te raken. Rondjes langer dan 22 kilometer ken ik niet. Verder gaat mijn radar niet.blog-immer-gerade-aus-collage-running-with-friendsToen ik net begon met hardlopen, stond ik doodsangsten uit om mee te doen aan een wedstrijdje. De avond voor de grote dag kon niet slapen. Geen faalangst, maar angst om te verdwalen. Samen met mijn vader verkende ik het parcours van tevoren met de auto. Ook heb ik eens de dag ervoor de hele route gefietst, voor het geval dat…blog-immer-gerade-aus-ttm2016-2En die angst was niet geheel ongegrond. Tijdens een van mijn eerste loopjes was ik hevig in competitie met een andere loopster. In het heetst van de strijd sloeg ik verkeerd af. Op miraculeuze wijze haalde ik haar later alsnog in.

Dit soort incidenten brengen me steeds meer van de kaart. Ik raak gestrest om altijd maar in een doolhof te moeten navigeren. Ik las gelukkig onlangs in een tijdschrift dat ik niet de enige malloot ben. Vrouwen schijnen over het algemeen minder ruimtelijk inzicht en richtingsgevoel te hebben. Met af en toe een omweg kan ik prima leven, maar van die vrouwelijke onzekerheid wil ik wel af.blog-immer-gerade-aus-collage-selfiesDaar moest ik snel iets aan doen, besloot ik deze zomer. Direct na mijn fiasco in Italië begon ik met mijn marathonschema voor Berlijn. De afgelopen drie maanden heb ik rondjes gemaakt van boven de 22 kilometer. Mijn vaste routes bestaan uit rechte lijnen en vaste hoeken. Heel saai, maar voor mij efficiënt. Op deze manier verdwaal ik tenminste niet. Ik vind het dan ook niet erg om vaak hetzelfde rondje te lopen.

Gelukkig zijn de straten in Berlijn recht en lang. Mijn navigatie zegt: immer gerade aus.

‘Hardlopen is soms slim rekenen’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal verschillend, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.

Singelloop.jpg

Frank tijdens de Singelloop van Breda

Met vijftig halve en tien hele marathons op zijn naam kent Frank Peek (46) de klappen van de zweep. De hardloper uit Oosterhout gaat volgende maand zijn ultieme uitdaging aan: de Jungfrau Marathon. Op 10 september hoopt hij in goede gezondheid de top van de Zwitserse berg te bereiken. ‘Dit is mijn Mount Everest.’

‘Soms laat mijn agenda het niet toe om na het werk te trainen. Dan is het tijd voor plan B. Ik zet mijn wekker om 5.20 uur en ren dan in alle vroegte een rondje. Niet altijd even makkelijk, maar dat neem ik voor lief. Als ik iets in mijn hoofd heb, zet ik me er voor de volle honderd procent voor in.’

Met Frank Posbankloop

Samen meedoen aan de Posbankloop in 2015

Avontuurlijke lopers

Frank Peek gaat recht op zijn doel af. Op tijd fit zijn voor de Jungfrau Marathon in Zwitserland. Met slechts 4.000 startbewijzen is dit een gewilde race onder de avontuurlijke lopers. Dat betekent voor de loper uit Oosterhout 16 weken lang vier keer in de week trainen. Zijn dagen bestaan grotendeels uit eten, rennen, werken en slapen. Hij laat er dingen voor staan, maar niet ten koste van alle gezelligheid. ‘Ik ben een Bourgondiër en houd van het goede leven. Natuurlijk probeer ik gezond te eten, maar af en toe een wijntje of biertje moet kunnen. Anders ben ik te gefocust en dan gaat het vaak mis.’

Potsdam na training

Even bijkomen na een training in Potsdam

Wensenlijstje

Het idee om mee te doen aan de Jungfrau Marathon ontstond twee jaar geleden. Samen met een paar loopmaatjes van atletiekclub Scorpio riep Frank gekscherend dat ze ‘m gingen lopen. En afspraak is afspraak. ‘De Jungfrau heeft altijd op mijn wensenlijstje gestaan. Het is net even een andere marathon. We starten op 500 meter en eindigen op 2.100 meter. De hoogste bergtop reikt tot 4.158 meter en het hoogste punt op de route is 2.300 meter. Je loopt 42 kilometer door een prachtige omgeving. Het gaat dus niet om het neerzetten van een toptijd, maar om het genieten. Snel rennen wordt ook lastig, want je moet veel klauteren, klimmen en wandelen. Een mooie uitdaging waar ik veel zin in heb.’

20.000 kilometer

Zijn gedrevenheid heeft Frank ver gebracht. Net als in zijn werk wil hij met hardlopen zijn doelen bereiken. Hij registreert alle hardloopgegevens in een Excel bestand: afstand, tijd, tempo, hartslag, kosten startbewijs. Zo liep de Brabantse loper vorig jaar 2.600 kilometer en dit jaar verwacht hij zelfs boven de 2.750 kilometer uit te komen. Sinds zijn start in 2003 heeft hij meer dan 20.000 kilometer bij elkaar gerend. ‘Ik ben dol op cijfertjes en statistieken. Hardlopen is soms slim rekenen. Ik zie in een oogopslag hoeveel ik per jaar loop en of er een stijgende lijn in zit. Daardoor probeer ik ook slimmer te lopen.’

PicMonkey Collage 2

Frank on the run

Mijlpaal

Hoewel Frank onderweg regelmatig op zijn Garmin kijkt, geniet hij van elke stap die hij zet. Hardlopen is zijn passie en hij hoopt het nog lang te mogen doen. Het geeft hem een gevoel van vrijheid om de deur uit te gaan en te rennen. ‘Als ik straks op de top van de Jungfrau sta, voel ik me euforisch. Dan ben ik trots dat het me is gelukt en dankbaar voor mijn gezondheid. Ik hoop tot mijn zestigste nog hele marathons te lopen. En volgens mijn berekeningen moet ik honderd halve marathons kunnen halen. Dat zou een mooie mijlpaal zijn.’

Jackpot

Er was eens een meisje met een roze rokje. Ze hield van hardlopen, zat vol ambitie en was niet vies van hard werken. Natuurlijk fantaseerde ze weleens over het winnen van de jackpot om vervolgens te emigreren naar een klein paradijsje op aarde. Een beetje dromerig was het meisje wel, maar niet geheel onrealistisch. Dit jaar wilde ze graag knallen tijdens de marathon. Om precies te zijn die in Rotterdam. Haar favoriete marathon.

Als het meisje ergens haar zinnen op had gezet, ging ze voortvarend aan de slag. Aan half werk deed ze niet, behalve aan halve marathons. Ze schreef zich op 1 oktober direct in voor de marathon in de Maasstad. Diezelfde week klopte ze aan bij haar trainer Harrie. ‘Wil je me helpen met het lopen van een goede tijd’, vroeg ze. ‘Wat is je streeftijd’, wilde hij weten. ‘Ik droom van een 3.40 op de klok’, antwoordde het meisje. ‘Daarvoor moet je flink aan de bak. Mits je daartoe bereid bent, acht ik het niet onmogelijk’, concludeerde hij.

Blog Jackpot - op de Erasmusbrug

Rotterdam bounce!

Op de grote dag zelf verliep alles lange tijd op rolletjes. Tot de 35 kilometer holde het meisjes keurig volgens schema. Toen gingen haar benen verzuren. En hoe. Ze kreeg lichte kramp en haar rondetijden zakten als een kaartenhuis ineen. Opgeven kon ze echter niet. ‘Voor Leentje, Harrie en de jongens’, spookte het de laatste 7 kilometer en 195 meter door haar hoofd. Hiermee doelde ze op Lee Towers, haar trainer, haar vriend & haar hond. Een grapje van haar en haar lief. Daarmee refereerden de twee aan de hoofdpersoon van de film De Marathon. ‘Ik doe het voor hen. Die marathon zal ik godverdomme uitlopen.’

Er was dus maar één optie: doorgaan. Tot aan de laatste snik. Het meisje zette haar verstand op nul en versloeg zo de ‘Man de Hamer’. Na 3 uur, 42 minuten en 16 seconden kwam ze over de finish. Met een prachtig nieuw PR. Niet de gewenste streeftijd, maar dat vond ze niet erg. Nee, die lag dit jaar net buiten bereik. Desondanks had ze een super mooie tijd neergezet. Toch? Of was het beenvriendelijker geweest als ze de eerste helft iets langzamer had gelopen? Dan hield ze meer energie over om de laatste 10 kilometer een extra tandje bij te zetten. Hey stop! Niet doen. Dat was achteraf geklets. Als het niet gaat zoals het moet, gaat het zoals het gaat. Iets wat het meisje ook besefte.

Na de wedstrijd belde ze met haar trainer. ‘Gefeliciteerd! Ik ben trots op je’, zei hij. ‘Wat heb je een mooie vlakke race gelopen. Moet je wel iets bekennen. Toen ik je eindtijd zag, kreeg ik een brok in mijn keel.’ Stilte. Het meisje knikte ondertussen instemmend. Nog vol van haar geleverde prestatie, besefte ze niet dat niemand dit kon zien. ‘Ben je teleurgesteld dat je niet je gedroomde 3.40 hebt gehaald’, klonk het aan de andere kant van de lijn. ‘Nee, absoluut niet. Dit is wat er vandaag in zat. Meer kon ik niet doen. Ik ben een gelukkig mens’, kakelde ze terug.

Terwijl ze dit zei, constateerde ze dat ze in clichés sprak. Iets wat ze doorgaans verafschuwde. Soit, soms zijn die clichés nu eenmaal waar. Ooit had ze er eentje in een tijdschrift gelezen die haar sindsdien was bijgebleven. Van Oprah nota bene. De talkshow koningin zei: ‘Running is the greatest metaphor for life, because you get out of it what you put into it.’

Blog Jackpot Metafoor

Een uitspraak waarmee het meisje zich kon identificeren. Tuurlijk, ze had 16 weken hard gezwoegd om zich klaar te stomen voor de marathon. Maar ze wist ook dat veel afhankelijk was van de vorm van de dag. Soms heb je ook een beetje geluk nodig. En op 10 april 2016 leek alles te lukken.

Met een groot glas Gin & Tonic genoot ze na van haar Rotterdamse triomf. Ze bleek later die avond ook haar slag te hebben geslagen bij de Staatsloterij: 20 euro. Ka-ching! Het voelde echter alsof ze de Jackpot had gewonnen. Het meisje leefde nog lang en gelukkig.

Me, myself & I

Toen ik 5 jaar geleden begon met hardlopen, droomde ik ervan ooit mee te kunnen doen met de grote jongens. Vandaag de dag kom ik nog steeds niet op gelijke hoogte. Letterlijk niet. Die toplopers houd ik natuurlijk niet bij, maar op een goede dag passeer ik wel een rappe recreant. Meestal op de lange afstanden. Zeg vanaf 25 kilometer of meer. Ze zijn dan weleens verbaasd. Ingehaald worden door een onderdeurtje. Zo raakte ik vorige maand bij een marathontraining voor Rotterdam in gesprek met een mede-hardloper. ‘Ik herken jou wel’, zegt hij lachend. ‘Aan je rokje. Jij had me vorig jaar ingehaald bij de 30 van Tilburg. Bij de eindsprint. Dat vergeet ik niet meer.’

Voor veel buitenstaanders ben ik die oriëntaalse hardloopster. Dat kleine meisje in het roze. Een Mega Mindy. Die rennende Ninja. Of een rare Chinees. Tenminste, dat zijn de woorden van een snotaap van een jaar of 11. Hiervoor moeten we een paar weken terug in de tijd. Het jongetje bivakkeert met zijn klas op de atletiekbaan. Elke keer wanneer ik voorbij kom joggen, klinkt er een zacht gelach. Mijn kleine plaaggeest stoot zijn klasgenootje aan. Hij roept: ‘Daar loopt een Chinees!’ Hij begint te marcheren en zwaait zijn armen overdreven de lucht in. Een stoere poging mij te imiteren. Dat hij zelf het enige getinte kind in de groep is, beschouw ik als mijn ironie.

Tussen ons gezegd: ik geniet stiekem van de verraste gezichten als ik mensen vertel dat ik aan hardlopen doe. Zelfs mijn trainer Harrie vraagt het zich weleens af. ‘Hoe krijg je die kracht toch uit dat kleine lijfje van jou geperst’, roept hij weleens gekscherend. Op een zonnige maandagochtend in maart denkt hij het antwoord te weten. Ik kom hem tegen bij ons in de wijk. We blikken samen terug op de wedstrijd van de dag ervoor. Volgens traditie deed ik mee aan de 30 van Tilburg. Een mooie test voor Rotterdam. Enfin, Harrie heeft 30 kilometer achter me gefietst waardoor hij mijn looptechniek heeft kunnen bestuderen. ‘Je landde geen enkele keer op je hielen ’, constateert hij. ‘Is dat goed’, vraag ik hem aarzelend. ‘Jazeker. Op deze manier ga je effectiever met je krachten om. Die lange afstanden liggen jou wel.’ Landen op mijn voorvoeten. Zoiets aardigs heeft nog nooit iemand over mijn lopen gezegd. Ik ben er de hele dag blij van geweest.

 

Mijn geslaagde generale repetitie komt precies op het juiste moment. Lange tijd ben ik bang dat ik tekort schiet in snelheid. Het kost me de grootste moeite om het gewenste marathontempo aan te meten. Dikwijls denk ik weemoedig terug aan vorig jaar. En het jaar daarvoor. Toen leek alles beter te gaan. De vorm laat dus op zich wachten, maar is er net op tijd. Het zelfvertrouwen heb ik terug. Kracht zit ‘m niet alleen in een fysiek perfect lichaam, maar ook in je hoofd. De weg naar Rotterdam verloopt dus met vallen en opstaan. Soms ook letterlijk. Zo beleef ik recent nog een spannend moment. Tijdens de laatste testloop van 35 kilometer maak ik een harde smak op mijn knieën. Gelukkig blijft de schade beperkt. Mijn enige prioriteit is om nu alles heel te houden.

Over precies een week is het eindelijk zo ver. Ik loop dan dé wedstrijd van het jaar. Daar heb ik 16 weken keihard voor getraind. Ik wil dolgraag knallen in Rotterdam. Laten zien wat ik kan. Zeker na de teleurstelling van vorig jaar. Dat betekent een extra scheut gas geven. Bij die gedachte gieren de zenuwen al door mijn lijf. Tijdens de marathon moet ik het zelf doen. Helemaal alleen. Zonder de hulp van mijn trainer. Zonder de steun van mijn loopmaatjes. Best eng. Maar ik ben er klaar voor.

De geschiedenis voltrekt zich op 10 april weliswaar voor mijn ogen, maar krijgt pas vorm in de tijd. Geen Keniaanse tijd, maar wel eentje waar ik trots op kan zijn. Ik streef naar progressie, niet naar perfectie. Hopelijk sprint ik naar een mooi PR. Kleine meisjes met grote dromen komen vaak verder dan je denkt.